Op donderdag 2 april was ik aanwezig bij de bijeenkomst “Toekomstmakers: Samen bouwen aan het Nederland van morgen” van ING. Een inspirerend event waar experts, partners en professionals uit de nieuwbouwsector samenkwamen om te verkennen hoe we gezamenlijk kunnen bouwen aan een toekomstbestendig Nederland.
Ontwikkelaars, bouwbedrijven, corporaties en investeerders waren goed vertegenwoordigd — de partijen die dagelijks het verschil maken in onze gebouwde omgeving. Het viel me op hoeveel kennis, betrokkenheid en energie er aanwezig is om vooruitgang te boeken.
Een econoom van ING schetste de belangrijkste ontwikkelingen die de woningbouw beïnvloeden. Thema’s als netcongestie, stikstof en procedures kwamen logisch en terecht aan bod — herkenbare uitdagingen waar al hard aan wordt gewerkt.
Tegelijkertijd viel me iets op. Toen de vraag werd gesteld of er nog iets ontbrak, bleef één onderwerp opvallend stil:
Water.
Of beter gezegd: de rol van ons watersysteem in de ruimtelijke ontwikkeling.
Een kans om vooruit te kijken
We zijn inmiddels gewend geraakt aan het idee dat onze infrastructuur grenzen kent. Het elektriciteitsnet zit vol, stikstofruimte is beperkt en de druk op de woningbouw is groot. Het watersysteem zien we echter nog vaak als iets dat Nederland “wel regelt”.
Juist daar ligt een kans om vooruit te kijken.
Volgens recente inzichten van onder andere het Planbureau voor de Leefomgeving (https://lnkd.in/e7ccqnvZ) en TNO (https://lnkd.in/eTwXKnTJ) vraagt klimaatverandering namelijk om een nieuwe manier van denken. Extreme neerslag en droogte komen vaker voor, en stellen ons watersysteem op de proef.
Water komt niet alleen vaker — het vraagt ook om slimmer omgaan met ruimte en capaciteit. Dat wordt ook wel aangeduid als watercongestie.
Wat is watercongestie?
Watercongestie ontstaat wanneer het watersysteem — sloten, riolen, bodem en infrastructuur — piekbelasting minder goed kan opvangen. Vergelijk het met verkeer:
- Meer aanbod (extreme regenval)
- Beperkte capaciteit (verstedelijking, afvoer)
- Weinig uitwijkmogelijkheden
De Unie van Waterschappen laat zien dat deze piekbelasting toeneemt. Dat vraagt om tijdige en slimme oplossingen. Want de impact raakt niet één sector, maar het hele systeem — van woningbouw tot infrastructuur.
De kracht van samenhang
Wat mij vooral opviel tijdens de ING-bijeenkomst, is dat we uitdagingen nog vaak per sector bekijken: energie hier, woningbouw daar, water op de achtergrond.
Terwijl juist in de ondergrond alles samenkomt.
Onderzoek van TNO laat zien dat klimaatverandering invloed heeft op de waterhuishouding, met gevolgen voor onder andere:
- Bodem en funderingen
- Openbare ruimte
- Infrastructuur
Tegelijkertijd wordt diezelfde ondergrond steeds intensiever gebruikt voor kabels, leidingen, energieopslag en geothermie.
Dat maakt de ruimtelijke puzzel complexer — maar ook interessanter.
Want juist in die samenhang liggen kansen voor slimme, integrale oplossingen.
De ruimtelijke puzzel als kans
De vraag is niet zozeer óf water een grotere rol gaat spelen, maar hoe we het vanaf het begin meenemen.
Het Planbureau voor de Leefomgeving benadrukt dat water en klimaat invloed hebben op vrijwel alle sectoren. Dat betekent dat water niet alleen een randvoorwaarde is, maar een waardevol vertrekpunt voor ontwikkeling.
En dat opent nieuwe perspectieven.
Wat zeggen experts?
Onlangs luisterde ik bij Blauwhoed in Rotterdam naar een presentatie van meteoroloog en klimaatexpert Reinier van den Berg. Hij verwoordde het treffend:
“Water is leven: we bestaan eruit en zijn er afhankelijk van.”
Hij wijst op de snelle afwisseling tussen natte en droge periodes, en doet een duidelijke oproep:
- Houd water vast (bijvoorbeeld in waterbekkens)
- Geef water meer ruimte
- Versterk de sponswerking van de bodem
Dat zijn geen beperkingen, maar juist richtinggevende principes voor toekomstbestendige ontwikkeling.
Hoopvolle ontwikkelingen
Het goede nieuws is: er gebeurt al veel.
De inzichten uit TNO-onderzoek helpen overheden en ontwikkelaars om risico’s eerder in beeld te krijgen,
betere locatiekeuzes te maken en gerichter te ontwerpen en te investeren.
Daarnaast zien we steeds meer mooie voorbeelden van:
- Waterbergende wijken
- Natuurinclusief bouwen met oog voor water, recreatie en biodiversiteit
- “Water en bodem sturend” in ruimtelijke ordening
- Slimme combinaties van water, energie en groen
De kennis is er. De beweging is ingezet.
Van inzicht naar impact
De volgende stap is om deze inzichten nog breder toe te passen.
Dat begint met het stellen van andere vragen:
- Niet alleen: kunnen we hier bouwen?
Maar ook: hoe maken we deze plek duurzaam en veerkrachtig? - Niet alleen: wat kost het vandaag?
Maar ook: wat levert het op als we vooruitdenken?
En misschien wel de belangrijkste vraag:
Hoe zorgen we dat water een vanzelfsprekend onderdeel wordt van elke ruimtelijke afweging?
Tot slot
Netcongestie heeft ons geleerd hoe belangrijk het is om vooruit te kijken en grenzen tijdig te herkennen. Water biedt ons nu de kans om die les toe te passen — proactief, integraal en toekomstgericht.
Niet als probleem, maar als kans om beter te bouwen.
De energie, kennis en samenwerking die ik zag tijdens de ING-bijeenkomst geven vertrouwen dat we die stap kunnen zetten — samen.
De vraag is dus niet of water een grotere rol gaat spelen.
De vraag is: hoe benutten we die kans optimaal?
Benieuwd hoe jouw organisatie kan anticiperen op water- en klimaatrisico’s? Neem gerust contact op met ons team. De mensen bij Bureau MVO denken graag mee over toekomstbestendige strategieën.
Tekst: Wouter Smit, partner en communicatieadviseur bij Bureau MVO